RK dagblad De Burcht

Categorieën algemeen,Archief

Op 19 juni 1945 verscheen het eerste nummer van een geheel nieuwe rooms-katholieke Leidse krant De Burcht. Deze krant was opgericht om een groot gat in de katholieke nieuwsvoorziening op te vullen. Het vooroorlogse katholieke dagblad De Leidsche Courant was tot 1 februari 1944 verschenen. Het Militair Gezag had de herverschijning van De Leidsche Courant daarom voorlopig verboden. De medewerkers van die krant moesten eerst worden gezuiverd, voordat zij weer in het krantenbedrijf aan de slag mochten gaan.

De medewerkers van De Burcht hadden geen enkele ervaring met het maken van een dagblad. Tijdens de oorlog hadden de meesten illegaal werk verricht. De Burcht werd gedrukt op de persen van de drukkerij van NV De Leidsche Courant aan de Papengracht.

De kleine redactie was de eerste tijd gevestigd in een kamer boven het confectiemagazijn De Faam aan de Hoogstraat (ingang Oude Rijn 1). Later werd een ruimte betrokken in het pand van NV De Leidsche Courant aan de Papengracht.

Begin 1946 moesten de redacteuren en de eigenaren van NV De Leidsche Courant verschijnen voor de Commissie van de Perszuivering. Ter verdediging voerde de advocaat mr. L.G. Kortenhorst aan, dat het beleid van de krant altijd gesteund was door de bisschop van Haarlem, mgr. J.P. Huibers. Men kon de krant dus moeilijk van collaboratie beschuldigen.

De Commissie voor de Perszuivering verbood de redacteuren en de commissarissen (aandeelhouders) gedurende een jaar een functie in het krantenbedrijf uit te oefenen. Hoofdredacteur Th. Wilmer werd verweten dat hij in de eerste anderhalfjaar van de oorlog veel te meegaande commentaren had geschreven. De directeur trof het verwijt, zich te weinig te hebben verzet tegen het opnemen van advertenties van allerlei foute instanties. Hij moest daarom nog een half jaar langer aan de kant blijven staan.

Het beroepsverbod dat door de Commissie voor de Perszuivering werd opgelegd liep tot 6 mei 1946. Vanaf die dag verscheen De Leidse Courant weer. De kop had enige tijd als ondertitel “waarin opgenomen De Burcht”.

Wilmer was overigens voor de oorlog jarenlang lid geweest van de gemeenteraad voor de RK Staatspartij, net als een van de commissarissen Th. Bergers.

De terugkeer van Wilmer viel bij een deel van de bevolking niet in goede aarde. In de zomer van 1945 had hij al wegens aanhoudende kritiek op zijn houding tijdens de oorlog zijn wethouderschap moeten neerleggen. De kritiek kwam ook uit eigen katholieke kring, maar dit belette hem niet opnieuw hoofdredacteur van De Leidsche Courant te worden en raadslid voor de KVP. Hij bleef dit tot aan zijn dood in 1950.

 

Een artikel over het korte bestaan van De Burcht verscheen in het Jaarboekje voor geschiedenis en oudheid van Leiden en omstreken 103 (2011), 166-189.

 

Ik ben altijd geïnteresseerd in verhalen over de oorlog, maar ook in documenten. En foto's natuurlijk. De combinatie tussen verhaal, document en eventueel een foto is het boeiendst.
Vragen staat vrij, maar er blijft veel onopgelost.